Voornaamwoorden vervangen een naam. Er zijn verschillende soorten.
Onderwerp / voorwerp
- I – me
- he – him
- they – them
Bezittelijk
bijvoeglijk (+ zn) of zelfstandig (los).
- my book → the book is mine
- her bag → the bag is hers
Let op its = van het (zonder apostrof); it's = it is.